Denken als een duiker wanneer je gaat wrakduiken

De PADI® Open Water Diver- en Advanced Open Water Diver-cursus bieden een solide basis om duikers aan de hand van duikscenario’s te leren als een duiker te denken om goede beslissingen te nemen. Als mentor van duikers van elk brevetteringsniveau kun je hierop voortborduren door duikscenario’s te geven die relevant zijn voor de cursus die je geeft. En je kunt hen vragen stellen waardoor zij als een duiker moeten denken terwijl ze het scenario evalueren en hun beslissingen met je delen. Dit helpt je om in te schatten in welke mate zij begrijpen wat ze doen en toepassen wat ze hebben geleerd. Het is een geweldige manier om hen te coachen in het nemen van weloverwogen beslissingen. In dit voorbeeld kijken we hoe een scenario tijdens de PADI Wreck Diver Specialty-cursus het gebruik van gezond verstand stimuleert als duikers voor de beslissing komen te staan of ze wel of niet een wrak in moeten gaan.

Een wrak binnengaan

Wanneer een duiker een wrak wil binnengaan, is de belangrijkste vraag die hij zichzelf moet stellen of er een veilige manier is om het wrak ook weer te verlaten. Hij moet in staat zijn om die manier om het wrak te verlaten te vinden, en om met noodsituaties om te gaan die zouden kunnen ontstaan in een dergelijke, overkapte omgeving. Er zijn twee categorieën bij het binnengaan van een wrak: zwemdoorgangen en wrakpenetraties.

  • Zwemdoorgangen – Bij een zwemdoorgang verlaat de duiker het wrak op een andere locatie dan de plek waar hij het binnen is gegaan. Bij de meest basale zwemdoorgang heeft de duiker aan de hand van natuurlijk licht altijd zicht op twee verschillende locaties om naar het buitenwater te zwemmen. De weg daarnaar toe is vrij van grote obstakels, hindernissen of zilt. Bij elkaar opgeteld mag de afstand naar de plek waar de duiker het wrak kan verlaten en de afstand naar de oppervlakte, niet groter zijn dan 40 meter/130 voet. Dit geldt voor Advanced Open Water Divers en hoger gebrevetteerden. In alle overige gevallen geldt als stelregel dat de afstand gelijk is aan de diepte waarvoor de duiker is gebrevetteerd.
  • Wrakpenetraties – Bij een wrakpenetratie gaat de duiker meer dan enkele meters/voet het wrak binnen met de intentie om de ruimte op dezelfde locatie te vertalen als waar hij die binnen is gegaan. Redenen zijn omdat er geen andere locatie is om die ruimte te verlaten, of de duiker weet niet zeker dat er een andere locatie is. De duiker kan de ruimte verder binnengaan dan het punt waarbij de locatie waar hij de ruimte binnenging nog duidelijk zichtbaar is. Hij moet dan een lijn uitleggen om te zorgen voor een veilige terugtocht naar die locatie. De weg van en naar de locatie waar de duiker de ruimte binnengaat en verlaat, moet goed verlicht zijn en geen obstakels, hindernissen of zilt hebben. Net als bij zwemdoorgangen mag de afstand naar de plek waar de duiker het wrak kan verlaten en daarbij opgeteld de afstand naar de oppervlakte, niet groter zijn dan 40 meter/130 voet.     

Je gezond verstand gebruiken

Beide situaties vragen om goed beoordelingsvermogen. Antwoorden op de volgende vragen kunnen een duiker helpen een juiste beslissing te nemen:

  • Zijn de plekken waar mijn buddy en ik het wrak willen verlaten groot genoeg om naast elkaar doorheen te zwemmen?
  • Hoeveel licht is er? Is er genoeg licht zodat ik altijd zicht heb op het licht van de plek waar ik het wrak wil verlaten?
  • Zijn er grote, gevaarlijke obstakels?
  • Is er zoveel zilt dat mijn zicht zodanig kan belemmeren dat ik niet meer kan zien waar ik het wrak uit kan zwemmen?
  • Is de dichtstbijzijnde plek om het wrak te verlaten dichtbij genoeg om mij te houden aan de maximale afstand en heb ik daarbij genoeg tijd om met een eventuele noodsituatie om te gaan?

In de beslissing moet ook rekening worden gehouden met de ervaring, training, vaardigheden en uitrusting van de duiker. Twee verschillende duikers die hetzelfde wrak bekijken, kunnen twee totaal verschillende, maar toch voor hen zelf goede beslissingen nemen. Duikers met weinig wrakervaring die in een omgeving uitkomen met veel slib, kunnen bijvoorbeeld het zicht verstoren waardoor er een potentieel gevaarlijke situatie ontstaat. Een duiker die is getraind in het gebruik van zwemtechnieken waarbij het slib niet opdwarrelt, heeft mogelijk geen groot probleem met slib. Een duiker met uitstekende trimvaardigheden kan obstakels ontwijken waar een minder ervaren duiker juist veel moeite mee kan hebben.

Door hun gezond verstand te gebruiken en goede beslissingen te nemen kunnen ook duikers met meer ervaring en training eventueel verder te gaan dan enkele richtlijnen voor wrakpenetratie. Een duiker met technische training, zoals grotduiktraining, kan met de juiste verlichting ook prima duiken in water zonder helder daglicht.

Wanneer je de PADI Wreck Diver Specialty-cursus geeft, vertel je duikers dan ook over hoe zij moeten denken als een duiker en op basis van specifieke wrakomstandigheden en hun individuele training en ervaring, de juiste beslissing te nemen over wel of niet het wrak binnengaan. Pas soortgelijk mentorschap toe in alle cursussen, afhankelijk van het niveau van de duikers, de omgeving en de cursus.

Neem voor informatie over deze specialty-cursus de PADI Wreck Diver -instructeurshandleiding (artikelnr. 70232) door.

Dit artikel verscheen in The Undersea Journal® van het derde kwartaal van 2018.

This post is also available in: en fr de it ru es